|
INTERVIEW MET WFH
OVERZICHT EN LINKS NAAR INTERVIEWS MET WFH: >1950-1959< >1960-1969< >1970-1979< >1980-1989< >1990-1996<
Programma van de voorstelling van Dutch Comfort door het Brussels Kamertoneel. september
1971 Jean-Pierre
de Decker In
twee bedrijven en een voorspel of zoals de auteur het zelf omschrijft: een
proeve van volkstoneel, is het enige van de drie tot dusver gepubliceerde
toneelstukken van Willem Frederik Hermans dat nog niet werd opgevoerd. Schijnbaar
ligt hier meer dan één reden voor de hand: de kritiek bij de publicatie was
niet bepaald lovend en bovendien leende de tekst zich niet tot een avondvullende
voorstelling. Wie
in Dutch
Comfort tussen de regels kan lezen en het enigszins modieus geworden
"verzetsmelodrama" niet al te zeer au serieus neemt, ontdekt in het
stuk een groteske satire die ver uitstijgt boven de historische anekdotiek. De
tragikomische geschiedenis van de overspelige echtgenote die met een bezettende
vrijer de faam van haar man - een held in geallieerde dienst - onrecht aandoet,
wordt toegespitst op de onvoorstelbare verwarring juist voor de Nederlandse
bevrijding. W.F.H.: Het stuk speelt kort voor wat men in Nederland, "Dolle dinsdag" noemt. De bevrijding van Frankrijk ging zo razend snel dat men ook vlug de bevrijding van België en Nederland kon voorzien. Op een bepaalde dinsdag in september kregen bepaalde mensen, die iets op hun geweten hadden, het dan ook wel op de heupen. Men durfde niet meer vluchten naar Duitsland en als het even kon zwaaide men dan maar vlug over naar de binnenlandse strijdkrachten (B.S.). In die sfeer speelt het stuk.
Is het gegeven volledig fictief? W.F.H.:
Nee, niet helemaal. Ik heb het stuk geschreven in de tijd dat in Nederland,
zoals trouwens in vele West-Europese landen, allerlei
"oorlogsmisdadigers" berecht werden. Bepaalde rechtse partijen, en dat
was in Nederland vooral de Katholieke partij, waren er voorstander van die
mensen erg licht of helemaal niet te straffen. Anderen daarentegen eisten zeer
strenge straffen. Die gehele berechting is één grote chaos geweest: de
veroordelingen gebeurden met de meest vreemde willekeur.
Werd de klassenmaatschappij in
Nederland na de oorlog vlug hersteld? W.F.H.:
Ik weet niet of die klassenmaatschappij door de oorlog erg geschokt is geworden,
maar wat wel duchtig door elkaar werd gegooid tijdens de Duitse bezetting was
het hele partijenstelsel, en dit is wel verbazingwekkend: vele Nederlanders
vinden het fout dat wij ik weet niet hoeveel politieke partijen hebben. Dat
was vroeger ook zo: de verzuiling heeft altijd bestaan en in 1944 dacht men: na
die vier jaar Duitse bezetting kunnen we schoon schip maken, maar al heel kort
na de bevrijding bleek dat daar helemaal niets van terecht kwam. Dat bewijst
alleen hoe sterk de vooroorlogse machten waren. Voor vele mensen was dit dus een
tegenvaller en die teleurstelling zit ook wel achter dit stuk.
Verwacht U in 1971 nog kritiek op
het stuk? W.F.H.:
Nee, nu niet meer. Het is te modieus geworden.
Toch wordt de Nederlandse
mentaliteit in het algemeen ook gehekeld? W.F.H.:
Natuurlijk. Je moet bovendien goed weten dat wij een a-politiek land zijn.
Daarom was die oorlog iets wat Nederland helemaal niet lag en nog erg vervelend
op de koop toe omdat wij economisch erg op Duitsland aangewezen waren en
trouwens nog zijn. Dit is trouwens een land van uitersten, weet je: na de
bevrijding zijn er in Nederland het minst doodvonnissen gevallen. Slechts een
veertigtal mensen werden geëxecuteerd en al de anderen hebben gratie gekregen.
Anderzijds zijn wij het enige land van Europa dat nog Duits oorlogsmisdadigers
in de gevangenis heeft: in Breda zitten nog drie Duitsers te brommen.
Die uitdrukking komt wel enkele
keren in het stuk voor? W.F.H.:
Dat is zo. Ik weet niet of dat in België ook vaak gezegd wordt, maar wanneer
men in Nederland met iets geen raad meer weet, dan wordt door dit gezegde
dikwijls veel geëxcuseerd.
Zou men de hypocrisie het hoofdthema van Dutch
Comfort
kunnen noemen? W.F.H.:
Ja, in ieder geval.
U heeft het stuk geschreven rond
1960, in een periode waar rond die oorlogstoestanden nogal wat deining gemaakt
werd. Voelde u de behoefte de
hypocrisie
daaromtrent te verwoorden
en aan de kaak te stellen? W.F.H.:
Ja, maar het gaat niet alleen over de hypocrisie van die periode alleen. Het is
meer mijn algemene kijk op de mensheid, en ook wel ergens op Nederland. Vanuit
deze optiek vormde de oorlogssituatie een goede basis voor het schrijven van een
toneelstuk.
Waarom is het stuk gedurende al die
jaren nog nooit opgevoerd? W.F.H.:
Ik heb het in die tijd ingestuurd voor een literaire prijsvraag voor eenakters.
Het is niet bekroond en ook niet opgevoerd omdat men naar verluid geen andere
eenakter vond die er bij paste.
Dus de
hypocrisie
gaat verder? W.F.H.:
Ja, dat zou je wel kunnen zeggen.
Vindt u het geen bezwaar dat dit
stuk juist door Vlamingen gecreëerd wordt? W.F.H.:
Nee, volstrekt niet.
(Uit een gesprek met Willem
Frederik Hermans te
Groningen op 8 juni 1971). In Dutch Comfort wordt op vrij scherpe manier getoond hoe een ganse gemeenschap zich gedraagt in een extreme situatie: de personages die er in optreden zijn toevallige vertegenwoordigers van het hele bestel dat de grillen van de geschiedenis niet aan kan.
Daarom hekelt W.F. Hermans ook alle partijen
en figuren die in het stuk voorkomen.
Daarom verwijst het gewild melodramatische
verhaal ook duidelijk naar andere conflicten of toestanden die ver buiten de
badkamer liggen waarin Dutch
Comfort zich afspeelt.
Jean-Pierre
de Decker "O!
meneer. Laten we er niet over praten! De heiligste gevoelens komen in opstand
wanneer men er alleen maar aan denkt. En dan te weten dat iemand als minister
Stroman, toonbeeld van integriteit en discretie, het slachtoffer geworden is van
de loslippigheid van een ... Nee zoiets laaghartigs... Aan een kant is het een
geluk dat hij tijdig de directies van de Nederlandse dagbladen bijeengeroepen
heeft, dat hij volkomen open kaart heeft gespeeld en dat die heren zo
fatsoenlijk geweest zijn er geen letter over te schrijven in hun kranten. O! Dat
is toch zo'n mooi ding. Van welke kleur of professie zij ook waren, hoe ze
elkaar ook in de haren mogen zitten hierover hadden zij maar een en dezelfde
mening: het Nederlandse volk mag dit niet weten! Prachtig, die solidariteit in
een klein landje als het onze." Uit:
'Hermans is hier geweest' van Willem Frederik Hermans Geschreven
te Amsterdam, december 1945 Bewerkt
te Lunteren, september 1956 Uitgeverij: G.A. van Oorschot, Amsterdam, 1967
OVERZICHT EN LINKS NAAR INTERVIEWS MET WFH: >1950-1959< >1960-1969< >1970-1979< >1980-1989< >1990-1996<
|
|
Bezoek deze pagina's in uw eigen volgorde Plaats "WILLEM FREDERIK HERMANS" bij uw favorieten Ach, waar bemoei ik mij eigenlijk mee?
KENNISMAKEN MET WFH --- SPELLETJES MET WFH LUISTEREN NAAR WFH --- BIJSCHRIJVEN OVER WFH --- ADVERTEREN MET WFH NAAR DE FILM MET WFH --- AUTOBIOGRAFIE VAN WFH MULTATULI EN WFH --- SCHRIJFMACHINES VAN WFH TIJDSCHRIFTEN OVER WFH --- PLAATJES KIJKEN MET WFH WEINREB, EEN KWESTIE VAN WFH --- BOEKJES LEZEN MET WFH RIJMEN MET WFH --- WITTGENSTEIN EN WFH --- NAAR ZWEDEN MET WFH? AANDENKEN AAN WFH --- OP TONEEL MET WFH --- INTERVIEWS MET WFH POST VOOR WFH --- TE GAST BIJ WFH
Bij het samenstellen van deze site heb ik gepoogd bestaande rechten op tekst en afbeelding te eerbiedigen. Mocht er toch nog bezwaar zijn tegen het gebruik van materiaal, laat u dat dan onverwijld weten?
De links naar de verschillende pagina's werden voor het laatst bijgewerkt op: zaterdag 23 december 2006 |